Zullen we samen…

Zullen we samen,

Gewoon samen

Het maakt me niet uit

Wat, hoe of waar

Maar zullen we samen

Samen, met elkaar?

                              Jip

‘Tegenwoordig overleven heel veel mensen kanker en wij willen met ons beweegprogramma bijdragen aan Perspectief en aan Levenskwaliteit. ‘

Dat is één van de eerste dingen die Marijke Maalderink, hoofd van het oncologisch centrum in Rijnstate Arnhem tegen mij zei.

Ik stuurde haar in april vorig jaar een mail. Ik schreef haar dat ons team zich als doel heeft gesteld om zich te verbinden met een aantal goede doelen van Roparun om zo aan onze donateurs te kunnen laten zien wat er met het gedoneerde geld gebeurt. Ik had gelezen dat Roparun dat jaar 75.000 euro had geschonken aan Rijnstate voor het Beweegprogramma: Perspectief en Levenskwaliteit. En zo  zaten Michiel en ik twee maanden later tegenover Marijke en Bernie voor een eerste kennismaking.

Wow. Die openingszin kwam binnen. Wat een mooie positieve missie van het centrum. Bewegen als medicijn, als therapie, re-activatie als middel om zo sterk mogelijk de behandeling in te gaan, de chemotherapie en bestraling zo goed mogelijk te doorstaan om daarna zo fit mogelijk het leven weer op te pakken. Perspectief en Levenskwaliteit.

In de gesprekken die volgden werd een klein idee: een keertje met wat teamleden langskomen voor een rondleiding, een groot idee: een Symposium waarin verbinding en inspiratie centraal zouden staan.

Gisteravond was het zover. De zaal stroomt vol met de gasten. Roparun teams uit Gelderland, vrijwilligers van Roparun, medewerkers van het oncologisch centrum Rijnstate, teamleden, vrienden en sponsoren.

Marijke en Judith openen de middag met een mooie presentatie over het oncologisch centrum. Over wat Roparun al heeft betekend voor het centrum. Er zijn al hoofdhuidkoelers, bedfietsen, vr-brillen, mooie warm ingerichte wachtkamers, een trainingsfiets en make-up workshops. Ook leggen ze uit wat hun stip op de horizon is voor het centrum. Hoe mooi zou het namelijk zijn als ook de wens voor een beweeg en beleeftuin gerealiseerd wordt en een wellness met een lekker bad in de nieuwe kliniek? Perpectief en Levenskwaliteit.

Henk van der Velde van Stichting Roparun vertelde wat meer over de geschiedenis van Roparun. Over de eerste klein opgezette editie van Rotterdam naar Parijs, een kleine 30 jaar geleden. Over de oprichters Peter van der Noord en Sjaak Bril, helaas allebei inmiddels overleden aan kanker. Over de enorme groei van Roparun, de opbrengst en de logistieke uitdagingen.

Toen mochten Michiel en ik namens Team Hollander wat vertellen over ons Roparun-gevoel, onze ervaringen, onze acties en ons team.

In onze opening mocht ik mijn gedicht ‘Kriebelteentjes’ voordragen. Voor het eerst voor groter publiek. Maar waar kan ik het beter voordragen dan hier? Iedereen in deze zaal weet het, begrijpt het en voelt het. Iedereen in dit publiek voegt levenskwaliteit toe aan de levens van hen die het zo zwaar hebben. Op welke manier dan ook.

Michiel legt het belang van verbinding uit. Weten en laten zien waar je Roparun voor loopt maakt het echt, oprecht en waardevol. Elke euro heeft zo’n mooie bestemming.

We willen ook graag vertellen wat Roparun is, hoe dat nou gaat en hoe het voelt om mee te doen. 2 jaar geleden schreef ik dat op en op deze avond probeer ik zo mijn Roparun gevoel over te brengen.

We sluiten af met onze acties. Hoe belangrijk het is om te vertellen over Roparun en de doelen die gesteund worden, zoals ook hier op deze avond. We vertellen over het succes van sponsorlopen met kinderen en zwerftrailen en hertlopen, iets waar we maar wat trots op zijn.

Bram Som neemt ons stokje over. Topatleet, Europees Kampioen op de 800 meter, én ambassadeur van Roparun. Hij vertelt over zijn leven als topatleet, over zijn droom om naar de Olympische spelen te gaan en zijn stip op de horizon, zijn deadline op 13 augustus 2006: Europees Kampioen op de 800 meter worden.

Hij legt dat het belangrijk is om doelen te stellen, maar ook dat deze doelen pas betekenis krijgen als je ze een deadline geeft. “Een droom is een doel met een deadline”.

Na deze mooie inspirerende woorden nodigden Marijke en Judith ons uit om een kijkje te nemen in het Oncologisch centrum. Daar geven ze een rondleiding en is er tijd om te borrelen en na te praten. Wat een fijne sfeer, er is herkenning, er is waardering, er is emotie.

Samen hebben we iets moois neergezet.

Een verbinding is gemaakt.

Daarom Roparun.

Corine

Beste kanjers van Team Hollander,

Mijn naam is Isa en ik ben 14 jaar oud. Toen ik 4 jaar oud was werd bij mijn vader kanker geconstateerd…

               Het is vrijdagochtend 10 uur. We staan met het team klaar om te vertrekken vanaf de EHBO in Aalsmeer. De touringcar is al omgebouwd tot ‘luxe’ slaap-accommodatie en al het eten staat diep ingevroren onderin de bus. De kleine busjes staan ook klaar voor vertrek. Het teamlogo en teamnummer worden op de ramen geplakt.

Bij het vertrek van ons team in Aalsmeer

Het is tijd voor de teamfoto. Eindelijk helemaal compleet. Met deze mensen gaan we de klus klaren. Na de foto stelt Annemieke ons voor aan Thinka Sanderse van Stichting Living Memories .  Stichting Living Memories legt een dag uit het leven van een ernstig ziek, stervend kind vast. Ze willen het voor zoveel mogelijk ouders, broers en zussen van kinderen die gaan overlijden mogelijk maken hun dierbare dichtbij zich te houden door middel van een audio- of videoportret. Annemieke heeft Living Memories aangemeld als goed doel bij de Roparun, en de dag voor vertrek krijgt zij te horen dat Roparun een bedrag van € 15.000 beschikbaar stelt voor dit mooie doel. Thinka is speciaal naar ons vertrek gekomen om ons dat te vertellen. Met een brok in onze keel, en de nodige tranen over heel wat wangen rijden we het terrein af. Dat beloofd wat. Op naar Hamburg!

Hij heeft in totaal 4 jaar met deze ziekte geleefd, waarin het soms weg leek te zijn en vervolgens weer uitgezaaid terugkwam.

               De rit naar onze eerste overnachting gaat voorspoedig. Wat een wijs besluit om dit jaar niet helemaal al naar Hamburg te rijden. In de buurt van Bremen stoppen we bij een hotel waar we vriendelijk worden ontvangen. Team A zorgt dat hier vast alles klaar staat voor hun eerste etappe de volgende ochtend. Het kleine busje wordt ingericht en de fietsen klaargezet. Daarna is er tijd om een klein rondje te lopen met het team. Marco, Chiel, Don, Mo, Ruben, ik en Annemieke op de fiets lopen het zonnige dorpje in naar een klein meertje in de buurt. Na 5 kilometer schuiven we aan op het terras bij de rest van het team. Annemieke verrast het team met een prachtig toetje na het diner. Voor elk teamlid heeft ze een klein kadootje met een persoonlijke toespraak. Iedereen voelt het, dit wordt een mooie ervaring samen.

Toen ik 7 jaar oud was (bijna 8) is hij aan deze verschrikkelijke ziekte overleden.

               Zaterdagochtend, 12.00 uur. We staan op het startterrein in een cirkel. Armen om elkaar heen, teams verbonden. Al deze mensen gaan de komende 48 uur een geweldige prestatie neerzetten. Voor elkaar, voor een ander, of misschien voor zichzelf. Voor iedereen begint nu het laatste stukje van een mooie reis met het team. Ook voor ons. Samen hebben we fantastische evenementen georganiseerd en daarmee wederom zoveel geld opgehaald. Maar ook niet te vergeten alle logistieke details, het routeboek, het draaiboek, de grote sponsoren voor de bussen en het eten. Een intensief jaar met mooie mensen.

Start in Hamburg

Om 12.12 klinkt het startschot voor Team Hollander, we dansen en we springen, we huilen en we lachen. Team A loopt samen met Team B een mooie ereronde over het startterrein en onder luid gejuich scheidden onze wegen zich hier en zullen we elkaar na 48,8 kilometer weer zien in Ahlerstedt, onze eerste bivakplaats.

Eerste etappe Team B

Slapen doen we nog niet echt, we eten wat en wachten tot team A, nog behoorlijk fris en fruitig, aankomt bij de bivak. In de tussentijd hangt Bettine nog met wat dronken Duitse jongeren een fles drank in een boom, en heb ik binnen no time met mijn team een stop-and-go voor fout parkeren te pakken van de wedstrijdleiding. (lekker begin in mijn nieuwe functie..). Gelukkig gaat de wissel heel voorspoedig en is team B onderweg naar Bremen. We gaan, ondanks de stortregen onderweg, als een speer de avond in, en dit jaar wandel ik nog bij daglicht de botenloods in, en eet rustig met mijn team een pannenkoek. We stappen weer de bus in en rijden al dommelend Bösel in. Pas als de bus stilstaat lukt het me om een uurtje te slapen.

Wisselpunt in de nacht

Bettine maakt ons wakker. Team A is er over een uur. Het is donker, ik stap een kleedkamer binnen en stap onder een heerlijke warme douche. Het team laat zich masseren. Er wordt koffie gezet en er is kwark voor de liefhebber. Niet veel later staan we op een donker kruispunt te turen in de verte. Ja! Daar zijn ze. Snel wisselen en een prachtige zonsopgang tegemoet.

In de 4 jaar dat mijn vader ziek is geweest hebben we samen met het gezin gebruik mogen maken van de Roparun. Ze hebben ons een vakantie aangeboden op een vakantiepark.

Sunset

               Wat een prachtetappe. Een magische zonsopgang en een feestje bij aankomst in Kluse. De lopers zijn nog fit, het navigeren gaat lekker, en de kushandjes naar de wedstrijdleiding helpen. In Kluse krijgen we een lekker croissantje met thee. Het slapen op weg naar de volgende bivak gaat weer lastig. In mijn hoofd blijf ik het routeboek zien, hier links, daar rechts, let op: run bike run…

Als ik  na een uurtje slaap wakker word is de bus leeg. Waar ben ik? Waar is iedereen? Shit, niet wakker geworden van Bettine? Ik stap de bus uit in de felle zon, ik weet het even niet meer. We zijn inmiddels bijna 24 uur onderweg en ik heb nauwelijks geslapen. Iedereen zit bij de bus gezellig te kletsen. Ik kan even niet aanhaken en het duurt even voordat ik weer geland ben. Ook dat is Roparun. En we zijn inmiddels in Nederland!

We gaan verder, op naar Almelo.

Deze vakantie is een van de weinige dingen die ik me nog kan herinneren van mijn vader. Ik weet nog hoe fijn en gezellig deze vakantie was.

Op weg naar Almelo

               Almelooooo. Op de beats van Tsunami springen we met het hele team zowat een trailer aan gort. Wat een feest. Wat een mensen. Alle energie stroomt weer door het team. En wat fijn dat we nu al deze feestjes mee kunnen maken. En dan nog ook nog samen als team.

Hotel Almelo is een parkeerplaats met douche en toilet en heel veel teams. Al uren kijk ik met team B uit naar DE andijviestampot met spekjes. Ook al is het opwarmen makkelijker in Warnsveld, de volgende bivak, pakken Nicole, Karin en Bettine zonder morren het kookstelletje met gasfles uit de bus en serveren ze ons eerst een heerlijke warme maaltijd. Wat een ondersteuning.

Welke waarde de Roparun kan toevoegen aan de laatste momenten van iemands leven is niet te beschrijven.

               Bij VV de Warnsveldse Boys is er weer zo’n fijne douche. Al loop ik na de douche zomaar links het voetbalveld op. Het bivak was rechts…

Op een kruispunt bij de Chinese muur zit ik op een fiets. Helaas is Peter uitgevallen en is het fietsen niet meer mogelijk. Hij neemt mijn rol en ik de zijne. En dus ga ik 50 kilometer fietsen naar Ede, en dat tussen 10 uur ’s avonds en 3 uur ’s nachts. Samen met het hele team door Zutphen. Een fijne en bijzondere plek voor Jesse. Haar thuishaven. En Chiel en ik worden zo blij als Marion en Wilma ineens voor ons staan. Wat bijzonder! En vergeet ik nog bijna alle waxinelichtjes langs de route, kilometers lang.

Vlak na Zutphen is het stil. En toch zitten daar die gezinnen op een klapstoeltje in de tuin te klappen. Kunnen we plassen bij de familie van Nicole in Loenen. Het is een pikdonkere etappe en er zitten pittige heuvels tussen Eerbeek en Ede.

Bij de brandweerkazerne in Ede is er vooral gedoe. De fiets van Annemieke staat op slot en de sleutel ligt nog op het bivak in Otterlo. Gelukkig kan de brandweer ons helpen. Gratis vuurwerk en een kwartier later is Annemieke’s slot doorgeslepen. We kunnen wisselen. Het team is moe en we willen slapen. Zonder al te veel woorden (of misschien juist te veel) storten we op onze matrassen.

Wat jullie aankomend weekend gaan doen voor dit goede doel is zo knap en bijzonder. Van Hamburg naar Rotterdam, dat is niet niks.

Van Beesd naar Alblasserdam RUN BIKE RUN

               Beesd, ik word weer wakker in een lege bus, maar nu weet ik wel waar ik ben. Bettine zoekt me even op en we praten nog even na over de nacht. We zijn het erover eens, de tweede nacht is een bitch voor het team. Maar we gaan verder, op naar Rotterdam. Ik ga weer navigeren, nog 2 etappes op de fiets is onverstandig, ik zal in Alblasserdam weer op de fiets stappen. Het zonnetje schijnt en we gaan op pad. Voor we het doorhebben (excuus, lees: ik het doorhad) is er een run-bike-run van 14 kilometer. Johan, Peter en ik proberen het team met het busje te blijven volgen om ze onderweg aan te moedigen. Masseuse Franciska zit inmiddels op de fiets van Peter. Nog maar 9 kilometer tot aan Alblasserdam. Het navigeren wordt lastiger voor me. Ik kan geen seconde afgeleid zijn of ik weet niet meer waar we zijn op de route. Daardoor raak ik zelf geïrriteerd en moet Chiel het ook even ontgelden. Gelukkig is daar het wisselpunt. Vanaf hier gaan alle lopers en fietsers samen de laatste 25 kilometer afleggen. Ik stap op de fiets en kijk trots naar iedereen voor me op de brug. Daar gaan we!

Maar ik ben zo blij dat jullie het doen, het namelijk om een heleboel mensen en gezinnen blij maken en zoveel kwaliteit toevoegen aan het laatste deel van iemands leven.

               Een groot feest. 25 kilometer lang. Zon, muziek, familie in Barendrecht en honderden mensen langs het parcours. Maar ook een moment stil bij het familiehuis van Daniel den Hoed. En een stortbui waar geen einde aan leek te komen. Maar daar is de tijdfinish! De Binnenrotte wacht, en daar is ook de rest van ons team. We parkeren de fietsen en lopen samen over de brug naar de finish. Het zonnetje komt terug als we met ons team herenigd worden.

Ik wens jullie allemaal erg veel succes, de lopers, de fietsers, catering, navigators, chauffeurs, teamcaptains, fysiotherapeuten en iedereen die ik vergeten ben.

               Samen lopen we onder de finishboog door op maandagmiddag om 15.30. 51 uur na onze start in Hamburg. We krijgen een prachtige medaille en gaan nog 1 keer met ons team op de foto. Dat we een paar uur later met het hele team in Aalsmeer zijn en alles samen opruimen voor we gaan eten zegt eigenlijk alles over dit weekend. Voor elkaar en met elkaar, van begin tot het eind.

Ik wil jullie bedanken voor wat jullie dit weekend gaan neerzetten. Jullie zijn nu al hele grote kanjers.

Veel liefs, Isa

Isa schreef ons team een brief. Deze mochten wij vlak voor de start lezen. Annemieke las hem aan ons voor. Ik wilde haar brief graag gebruiken in mijn blog, omdat dit zoveel zegt over het ‘waarom’ van de Roparun. Het werd dit jaar meerdere keren zo concreet voor ons. We konden een gezin een laatste vakantie aanbieden via Roparun, een echtpaar of gezin kan straks in 1 bed filmpjes kijken of nog eens lepeltje lepeltje liggen, dankzij een koppelbed voor het hospice Bardo. Het Rijnstate ziekenhuis in Arnhem kan met een mooie Roparundonatie (ex)-patiënten ondersteunen met een beweegprogramma en wil zich graag verbinden aan ons team. En dan op de valreep de mooie donatie voor Stichting Living Memories.

Ook al had ik heel graag deze Roparun gelopen, en was het toekijken af en toe best lastig, ik had het niet willen missen.

Lieve Isa, dank je voor je brief.

Lieve Annemieke, dank je voor je onophoudende inzet voor je team. Wat heb je goed kunnen schakelen. Oog voor zoveel detail. En wat heb je mooi gesproken.

Lieve Mo, Don, Simone en Michiel, wat een inzet voor het team, lief voor elkaar en voor anderen. Wat een prestatie!

Lieve Cor, lieve Michel, wat mij betreft geen team zonder jullie. Zoveel op de achtergrond geregeld, knuffelberen op de route.

Lieve Claudia, zoveel kilometers, regen, zon. Wat een sterke vrouw. Met een lach en een traan. Zo fijn dat je mee was.

Lieve Jannette en Teun, alsof jullie al jaren bij het team horen. Jullie hebben ons veilig vervoerd en het team zo fijn ondersteund.

Lieve Marco, Ruben en Jesse, wat een toplopers ook! Een fijne sfeer in de bus, elkaar helpen waar nodig en zoveel snelle kilometers.

Lieve Monique, Lieve Peter, Jouw eerste Monique, en wat deed je het fantastisch! Peter, de meest ervaren Roparunner, wat hebben veel aan jouw kennis gehad. En wat balen dat je knie je in de steek heeft gelaten. Maar wat fijn dat je mee was!

Lieve Johan, samen hebben dat maar mooi gefikst voor in het busje. Gelachen en vloekend zoeken naar een parkeerplek, that’s us.

Lieve Karin en Nicole. Ik denk dat team Hollander hier goud te pakken heeft. Nooit meer stoppen alsjeblieft.

Lieve Franciska, Suzanne en Amber, een topfit team dankzij jullie. En zelfs tijd voor mijn piriformis.

Lieve Bettine, zonder snickermomenten een hele Roparun door. Chapeau! Je bent van zoveel waarde geweest weer onderweg.

Lieve Chiel, jouw liefde voor de Roparun is zo mooi om te zien. Wat heb jij er veel voor gedaan, en wat een lol heb je er aan gehad met dit team. Ik ben blij dat ik dit met je mag delen en dat het inmiddels een vast onderdeel is in ons leven samen.

Roparun 2019 was bijzonder. En met ruim 27.000 euro worden zulke mooie dingen gedaan.

Tot volgend jaar!

Corine

Alle bedden liggen helaas vol…

Dat is wat Marijke, vrijwilligster bij hospice Bardo ons vertelt. Dat betekent dat we niet even een kamer van binnen kunnen bekijken. Maar het betekent natuurlijk eigenlijk dat er 10 mensen in liggen die hier zijn gekomen om aan hun laatste reis te beginnen…

Team Hollander is op vrijdag 22 maart te gast in Hospice Bardo in Hoofddorp. Karin, ons teamlid, is hier al lange tijd vrijwilligster. Roparun steunt regelmatig Hospices door heel Nederland en zorgt dat het gedoneerde geld hier goed besteed wordt. Bardo betekent in het Tibetaans Boeddhisme een overgangsfase in een leven. Op deze avond mag ons team van dichtbij zien hoe deze fase van zorg en medeleven wordt vormgegeven in dit hospice.

Marijke verteld over de vele vrijwilligers die Bardo draaiende houden. Meer dan 170 vrijwilligers en ongeveer 20 verpleegkundigen, artsen en administratieve werknemers zorgen dag en nacht voor maximaal 10 patiënten. Het hospice is bijna volledig afhankelijk van donaties.

Marijke laat ons het moderne gebouw zien. Twee verdiepingen met elk 5 patiëntenkamers. De kamers mogen de patiënten inrichten zoals zij willen. Misschien nog met wat meubeltjes van thuis, of dat mooie schilderij waar ze zoveel waarde aan hechten. Er is een prachtige grote badkamer met een bubbelbad. Er is een stilteruimte, een trefkamer en een huiskamer. Het is stil in Bardo, bijna sereen.  Af en toe zie je een vrijwilliger door de gang lopen, of een familielid een telefoontje plegen op de gang. Overal staan verse bloemen, gedoneerd door de bloemenveiling Aalsmeer. Het is donker buiten, maar het hospice wordt omgeven door een prachtig aangelegde tuin.

In de aankomsthal staat een tafeltje met een mooie zoutlamp erop. Marijke vertelt dat de lamp nu uit is, maar als er een patiënt is overleden dan brandt de lamp en verlicht ze met haar mooie zachte licht de gang. Vlakbij staat een wensboom, vol met kaarten, spreuken en gedichtjes. Mijn ogen vallen op het kinderhandschrift met de woorden: ‘Mijn Held’ en ‘Rust zacht’. 

In de huiskamer drinken we koffie. Ik zie het bord hangen waarop de eetwensen van elke patiënt staan. Marijke vertelt dat de patiënten mogen eten wat ze willen. Als er ’s nachts een patiënt heel graag een haring wil eten, gaan de vrijwilligers dat proberen mogelijk te maken.  Ik loop wat rond en sta even stil voor de boekenkast. Een kast met boeken over de natuur, over afscheid nemen en  rouw, en veel dichtbundels. Ik blader wat door een boekje van Toon Tellegen:

Op een dag nam de mier afscheid van de eekhoorn.
‘Ik ga voor geruime tijd op reis,’ zei hij,
‘maar ik weet niet voor hoe lang.
Ik neem dus maar zó afscheid
dat het ook voor heel lang kan zijn.’
Zij schudden elkaar vijf keer de hand
en omhelsden elkaar ook
zoals het bij een afscheid voor lange tijd hoort.

‘Laat je nog iets van je horen?’ vroeg de eekhoorn.
De mier had zich al omgedraaid en riep,
terwijl hij langs het bospad liep: ‘Ja!’
Even later was hij uit het zicht verdwenen
en bleef de eekhoorn alleen achter.
‘Wat zou het voor reis zijn?’, dacht hij.
Maar hij wist hoe weinig je kon zeggen
van reizen die nog moesten beginnen.

We lopen terug naar onze vergaderzaal. Ik kan niet anders dan benoemen hoe knap en goed ik het vind dat deze vrijwilligers zich zo inzetten voor de patiënten, hun familie en de nabestaanden. Elke dag omringd door afscheid en verdriet, en toch overheerst de dankbaarheid dat ze iets voor deze mensen kunnen doen.

De overgang naar de draaiboek bespreking is wat groot, maar ik geloof dat we allemaal des te meer beseffen dat mee doen met de Roparun zoveel oplevert. Hospices zoals Bardo kunnen hierdoor bestaan en daardoor het laatste stukje reis van mensen die palliatieve zorg nodig hebben zoveel draaglijker maken.

Roparun 2018: I’ll rise up, and I’ll do it a thousand times again

All we need is hope
And for that we have each other

Roparun 2018. ‘Een avontuur voor het leven.’ De slogan van de Roparun en misschien ook wel het best in woorden samengevat wat de Roparun is. Ondanks dat ik nog steeds maar met moeite in woorden kan vangen wat mijn Roparun was, zal ik dat hier nu toch proberen.

I’ll rise up, I’ll rise like the day

Vrijdagochtend 18 mei. De tassen staan klaar in de kamer. De laatste toiletspullen stop ik er nog snel bij en leg vast alles in de auto. Michiel is in alle vroegte al samen met Kim richting Aalsmeer vertrokken. Ik vertrek later. Ik wil zelf nog even Tara naar school brengen en in alle rust afscheid nemen. Om 8.30 stap ik dan ook in de auto en vlak voordat het ‘konvooi Hollander’ vertrekt, rij ik het terrein van de brandweerkazerne in Aalsmeer op. Snel nog naar de wc, een bak koffie en een groepsfoto en dan het kleine busje in. Opgewekt en vol adrenaline gaan we op pad. Niet wetend dat het plan om een lekkere lange laatste nacht te maken, vlak voor Hamburg de prullenbak in kan. Al snel wordt duidelijk dat de geplande aankomst om 1700 uur in Hamburg niet haalbaar is. Sterker nog, we zijn uitgeput en opgelucht als we door een extreme file iets voor 20.00 uur de parkeerplaats van het hostel in Hamburg oprijden. Om 22.00 uur is daar eindelijk ook de touringcar en is het team compleet. De kamers worden snel verdeeld en we wandelen naar het restaurant dat ons zonder morren een uur later nog 24 heerlijke warme maaltijden voorschotelt. Snel terug naar het hostel en de stapelbedden in. Slapen. Nu het nog kan.

I’ll rise up, I’ll rise unafraid

Zaterdag 19 mei. Ik mag niet klagen. Best lekker geslapen. Ik stap onder een heerlijke warme douche en was met extra veel zorg mijn haren. Ik weet dat dit waarschijnlijk tot maandagnacht mijn laatste douche zal zijn, dus ik blijf net wat langer staan. Ik breng zorgvuldig mijn mascara aan en hoop dat deze er over dik 48 uur nog op zal zitten. De kamers moeten leeg en we ontbijten met het team. Het routeboek wordt met de chauffeurs nog een keer doorgenomen en de fietsen weer op de busjes gemonteerd. Ik besluit zoveel mogelijk te blijven zitten en wacht rustig tot we vertrekken. Dit keer naar het startterrein zo’n 40 kilometer verderop. We rijden het terrein op, dat inmiddels vol staat met touringcars, busjes, fietsen, wc-wagens en vrachtauto’s. Er staan zelfs al teams klaar om te vertrekken richting Rotterdam. Wij starten laat en hebben dus alle tijd om een tijdelijk bivak te maken. Iedereen gaat een beetje zijn eigen gang. Ik maak mijn spullen klaar voor in het busje, ik vraag Suzanne vast mijn linkerbeen los te masseren en we kijken naar de live beelden van de ‘Royal Wedding’. Tijd om pasta te eten bij de startboog. Hier zie ik voor het eerst live de teams vertrekken. Wat een feest! Nog 2 uur tot we daar zelf staan. Terug bij het bivak wil ik even rust. Ik trek me terug in het busje en luister wat naar muziek. Michiel roept ons bij elkaar voor een korte instructie over de start. We doen de startnummers om en gaan met de rest van het team terug naar de start.

We dansen. We springen. We huilen. We omhelzen. Er wordt afgeteld. Daar staan we. Monique, Michiel, Alex, Paul, Cries en ik.

Daar gaan we. Met kippenvel op mijn armen lopen we door de confetti slierten en gedragen door het applaus van ons team en alle vrijwilligers zijn we na een kort rondje over het startterrein bij het busje. Alleen Michiel loopt nog een kilometer door en wij stappen in bij Kim en Johan. Het is begonnen. Roparun 2018 is eindelijk begonnen.

I’ll rise up, high like the waves

We zijn op weg naar Steddorf. De zon schijnt nog volop en we vinden langzaam ons ritme. We hebben een vaste volgorde. Michiel, ik, Alex, Moon en dat proberen we de gehele etappe vast te houden. In deze etappe zitten ook wat stukken Run Bike Run, en alhoewel ik me daar van te voren best druk over heb gemaakt, loopt dit als een trein. We lopen de nacht in, de lichtvestjes gaan aan. De sfeer is top. De benen voelen goed en de kilometers vliegen voorbij. De zon zakt langzaam en ik geniet met volle teugen van het mooie avondlicht. De eerste etappe zit erop. We zien het andere team staan. Alex geeft Niels een knuffel en eindelijk mag ook Team A beginnen. Ik pak snel mijn handdoek en ga onder een partytent op de bank van Suzanne liggen. Tegelijkertijd eet ik een tosti. We kunnen hier bij dit bivak gelukkig even plassen en daarna zoekt iedereen snel een matrasje in de touringcar. Mijn lief ligt een paar matrasjes verderop. We kijken elkaar nog even aan. Ik voel dat de bus gaat rijden. Dit is raar. Gewoon maar aan toegeven. Ik zie wel waar ik straks uitstap.

Het is 2.00 uur ’s nachts. Bettine maakt ons in Bremen wakker. Ik ruim snel mijn slaapzak en kussen op en stap met mijn bustasje de bus uit. Het is pikkedonker. We staan langs een weg. Binnen in een kano-loods, tenminste ik denk dat dat het was, want ik zie heel erg veel kano’s, staat Suzanne klaar met de massage tafel. Ik probeer een halve pannenkoek weg te krijgen en wat koffie. Je kan hier douchen, maar het pakken van een handdoek en zeep is al te veel. Ik staar mijn tijd wel uit. We wachten op team A, en na een wissel is Michiel weer als eerste loper weg. We stappen in het busje en komen al snel weer in een ritme. Ditmaal lopen we de dag tegemoet met een prachtige zonsopgang. En wat gaat het lekker.

I’ll rise up, in spite of the ache

Zondag 20 mei. De tweede etappe zit erop. We komen aan in Bosel, maar worden wakker in Kluse. De zon schijnt fel als ik uit de touringcar waggel. Waar ben ik? En wat is het hier druk met teams! We zijn op een brandweerkazerne en overal liggen er teams te slapen op veldbedden, wordt er gekookt en gemasseerd. Ook hier kunnen we douchen en omdat ik door de hitte in de bus niet kon slapen, besloot ik hier maar wel de moeite te nemen om te douchen. Ik eet niet zoveel hier. We rijden naar het wisselpunt. Het is inmiddels midden op de dag en bloedheet. Even geen energie om te dansen op de beats van Tsunami, inmiddels ons teamlied. We wisselen van Team en starten onze etappe richting Holsloot. Een bijzonder moment als we tijdens deze etappe de grens met Nederland passeren. In ons hoofd zijn we er al bijna… Mijn been is inmiddels getapet en dat helpt goed. Samen met achterfietser Paul spreek ik af om niet te hard te lopen, 5.30-5.40 is snel genoeg en hij roept me regelmatig toe om wat langzamer te lopen. Wat ben ik blij dat hij steeds naast me fietst. In Drenthe is iedereen die we tegenkomen enthousiast, we verstaan er niets van, maar de blijheid van iedereen is zo fijn. In Holsloot staat een heerlijke andijviestamppot op ons te wachten. Wat smaakt dit goed zeg. Het slapen wil nog niet goed lukken en als ik een paar uur later in Almelo mijn hoofd uit de deur van de bus steek wordt het me allemaal te veel. ‘Gister’ was ik bijna thuis en nu ben ik  pas op de helft. DE HELFT! Hoe dan? Mijn knie doet zeer en de wc is een paar honderd meter te ver weg. De eerste huilbui dient zich aan. Fuck! De helft pas. Hoe ga ik nog 30 km lopen…

Maar Almelo is een groot feest en ondanks de pijn en de moeheid dansen en lopen en genieten we verder. Het is nacht. De hele etappe is het nacht. Om klokslag 12 uur zingen we luidkeels een liedje voor Cries. Daar ergens op een landweggetje in de buurt van Markelo begint zijn verjaardag. De sterren stralen aan de hemel, maar het is de zwaarste etappe tot nu toe. We stoempen door de nacht. Het is stil op de fietsen en stil in het busje. De enige die als een speer gaat is Moon, met haar snelste kilometers. Zelfs de door kaarslicht verlichte kilometers in Zutphen brengen niet het vuur en bij het wisselpunt in Hoven willen we alleen maar slapen. We slaan voor het eerst de massage en het eten over.

Maandag 21 mei. Drie uur later schrik ik wakker van Bettine’s stem. Vol energie stap ik uit de bus. Ik mag zo starten in Ede. Mijn moment. Ik eet een croissantje en een banaan en knuffel wat met koeien. Ja die staan daar. En ik prop nog net een half broodje pindakaas naar binnen. Mede dankzij de aanwezigheid van vrienden en loopmaatjes Chiel en Henny is de wissel in Ede top. Ze lopen nog met elk teamlid een kilometer mee en in Bennekom zeggen we gedag. Met recht een Oase op de Veluwe. Bij Wageningen gaat langzaam het lampje uit bij mij. Letterlijk. Ik voel me licht in mijn hoofd en krijg last van koud zweet. Ik sla een rondje over en met wat soep en frisse lucht hoop ik dat het snel beter wordt. Wat ben ik hier blij met kleine Kim, mijn lieve dinnetje achter het stuur. Ik besluit mee te fietsen en even later weer mee te lopen. Op de parkeerplaats van het Rivierenland ziekenhuis in Tiel stroomt alle energie mijn lijf weer in. Door vrijwilligers krijg ik een medaille omgehangen met ‘goed gedaan’. Einde zeuren nu denk ik. Dit gaat niet om mij, dit gaat om hen. Vol goede moed ga ik verder.

I’ll rise up, and I’ll do it a thousand times again

Beesd. Nasi en kroepoek, een mislukte douche en een korte slaperige rit naar Alblasserdam. Daar op die parkeerplaats merk ik iets van desoriëntatie. We moeten van alles. Spullen voor na de finish. Paspoort voor kazerne. Spullen in de aanhanger, spullen in het kleine busje. Ik heb Michiel nodig om me stapsgewijs uit te leggen wat ik moet doen. We rijden naar het wisselpunt, weer een parkeerplaats. Het regent hier pluizen. Zachte witte bloed irritante pluizen. De laatste etappe. Nog 22 kilometer fietsen en 3 kilometer lopen. Dit kan ik. Ik kan dit! Het andere team komt aan en moet eigenlijk meteen schakelen naar de volgende etappe, want samen gaan we verder.

Het is een groot feest onderweg. Iedereen klapt, moedigt aan. Het stopt niet. De kippenvel ook niet. Die laatste kilometers zijn zo voorbij. Ineens is daar die tijdfinish bij de Willemsbrug. Precies 48 uur na de start in Hamburg. We parkeren de fietsen en lopen in een grote stoet van teams over de brug naar de kubuswoningen. Het gaat langzaam, ik smacht naar de finish. Ons team is weer compleet en eindelijk lopen we de Binnenrotte op. In de verte zie ik de finishboog, dichtbij twee heel bekende gezichten. Ik ren op ze af en knuffel mijn ouders. Tranen over mijn wangen. Ik heb het gewoon gedaan! We feesten door en als team lopen we onder de boog door. 562 kilometer. 48 uur. We hebben het gewoon gedaan!

 

Een biertje, een foto, een medaille en dik € 20.000 voor mensen met kanker en hun dierbaren.

And I’ll rise up
I’ll rise like the day
I’ll rise up
I’ll rise unafraid
I’ll rise up
And I’ll do it a thousand times again
And I’ll rise up
High like the waves
I’ll rise up
In spite of the ache
I’ll rise up

And I’ll do it a thousand times again

For you

(Andra Day)

 

xxx Corine

4 dagen tot Roparun 2018: Inpakstress

We wonen sinds een paar maanden in een opslagloods.

Nou niet echt natuurlijk, maar onze woonkamer is inmiddels een Roparun | Team Hollander zenuwcentrum en opslagplaats. Overal staat wat. Kratten met accu’s, snoertjes, lampen en batterijen. Goodiebags voor het Hertlopen, draaiboeken, routeboeken, stapels teamkleding en al vast gewassen loopkleding.

En dan heb ik het nog niet over onze tuin. Dankzij de geweldige steun van MudSweatTrails is ons zonnige tuintje bijna een kopie van een verzorgingspost bij een trailwedstrijd! Tafels, banken, partytenten, beachflags en bouwlampen. Het enige dat ontbreekt zijn bakken vol winegums en ontbijtkoek:-)

De laatste 4 dagen voor Roparun 2018 zijn aangebroken. En het wordt tijd om in te pakken.

Gelukkig is daar weer het draaiboek, versie 8.0. Pagina 14: Inpaklijst per rol. Ik verzamel alle gewassen kleding, schoenen, handdoeken, hoofddeksels, sokken, en een half uur later is onze extra lange eettafel niet meer zichtbaar. En dan ben ik nog niet toegekomen aan gewone kleding en toiletspullen. Gelukkig roept teamcaptain Bettine nog even ter herinnering,  na het zien van mijn stapels, dat we slechts 1 tas per persoon de grote bus in mogen nemen. Michel, onze chauffeur grapt nog dat er geen imperial op de bus zit, en ondertussen sturen teamleden Annemieke, Marjan, Karin en Alex ook nog zorgwekkende foto’s van hun keurig overzichtelijke stapeltjes.

De inpakstress is AAN.

Ik vertrek vanochtend naar mijn werk en bedenk me dat ik Michiel vanavond nog maar eens een kritische blik laat werpen op mijn -niet-zulke-keurig-en-overzichtelijke- stapels. Kijken wat er overblijft. Ik zal wijselijk mijn toilettas(sen) nog even niet klaarleggen…morgen begint dan nog het herschikken van de overgebleven stapels. 6 setjes kleding voor de 6 etappes met twee keer een nachtsetje. Een tas voor in het kleine busje met alle mogelijke accessoires voor alle mogelijke weersomstandigheden: regenjasje, pet, sleeves, schone sokken, handschoenen, zonnebrillen en 2 extra paar schoenen, en iets van een deken om de beentjes warm te houden. Nu nog een trucje bedenken om eenmaal ingepakt deze goed bedachte structuur te behouden. Mini-pakketjes? Aparte plastic tasjes? Labels?

Hoe vind ik straks met slaapgebrek en beperkte tijd snel wat ik voor de volgende etappe nodig heb?

Wat ik zeg, de inpakstress is AAN.

Ondertussen in het gewone leven: rijdt Michiel na het werk elke dag op en neer naar Aalsmeer (net als in onze prille verkeringtijd:-)), via Doorn (matrassen en ander defensie-spul), een tankstation in Utrecht (sportvoeding) en Apeldoorn (teamkleding) om alle spullen naar een opslagplaats daar te brengen. Heb ik 24/7 bereikbaarheidsdienst voor 4 klassen in mijn afdeling die zich ergens tussen Cambridge en Edinburgh bevinden. Doen mijn 25 VWO 6 schatjes morgenmiddag eindexamen Engels en doen we ook nog wat laatste trainingen. En alle tijd die nog overblijft gaat op aan eten, slapen en natuurlijk aan mijn meisje die ik straks 5 dagen moet missen.

En de rest van het team zit ook niet stil deze week. Er wordt nog hard getraind door alle lopers en fietsers, de pannenkoeken worden vast gebakken door onze fantastische kookploeg en de nagels worden in de kleuren van de Roparun gelakt. Bettine checkt en dubbelcheckt alle checklijstjes, Annemieke knutselt de routerollen in elkaar en Michiel maakt al twee avonden ruzie met Tom (Tom).

En nog belangrijker er wordt nog steeds geld gedoneerd! En dat heeft inmiddels al een prachtige 12.000 euro opgeleverd. Heb jij al gedoneerd?

Nog 4 dagen tot Roparun. Het aftellen is echt begonnen. Ondanks de inpakstress kijk ik ook uit naar het moment van vertrek. Laat de uitpakstress maar beginnen.

 

9 dagen tot Roparun 2018: 560 kilometer hardlopen, HOE DAN?

De meest gestelde vragen in de afgelopen weken moeten wel zijn: ‘Hoe gaat dat nou die Roparun?‘ en ‘Hoe train je daarvoor?‘.

Nou dat ben ik me 9 dagen voor de start ook maar eens gaan afvragen. Hoe gaat dat nou precies tussen Hamburg en Rotterdam als loper en hoe kan ik me daar het beste op voorbereiden?

Gelukkig hoef ik zelf niet zoveel te bedenken en staat alles in ons draaiboek en routeboek. Toch koste het me vandaag nog wat gepuzzel om op papier te krijgen wat me tussen 19 mei 17.30 uur en 21 mei 18.00 uur te wachten staat.

Ten eerste wat meer over ons team. We zijn met 8 lopers, 4 fietsers, 4 chauffeurs, 2 navigators,  2 masseurs, 3 koks en 1 teamcaptain. We hebben twee loopteams (A en B) en elk team bestaat uit 4 lopers, 2 fietsers, 1 chauffeur en 1 navigator. De totale route is 560 kilometer en team A en B wisselen elkaar af in etappes van ongeveer 50-60 kilometer. Elke loper in een team loopt ongeveer 1 kilometer per beurt, en heeft dan vervolgens 3 kilometer rust in het busje dat mee rijdt. De koks en masseurs en teamcaptain staan bij elke bivakplaats klaar met eten, massage en bemoedigende woorden, en niet geheel onbelangrijk een matras in onze touringcar.

Zo dat is een overzichtelijk schema. Dacht ik. Tot ik vandaag ging uitschrijven wat dat nou eigenlijk allemaal voor mij betekent. Nou let op, hier komt het;

Ik start op 19 mei om 17.30 in Hamburg met Team B. Wij lopen naar Steddorf en komen daar om 21.55 aan, dan ben ik als het goed is ongeveer 13 keer voor een kilometer vol adrenaline uit het busje gekomen. Bij het bivak krijg ik een massage, een kleine warme maaltijd en ongeveer 3 uur slaap in de touringcar die ondertussen naar Bremen rijdt. Ik word in Bremen wakker gemaakt, eet wat en start om 3.10 uur met Team B aan onze tweede (nacht)etappe, deze keer spring (hahaha) ik ongeveer 15 keer uit het busje voor een kilometer en na 60,5 kilometer komen we om 8.15 uur in Bosel aan. Zelfde drill: naar het bivak, massage, eten, slapen en rijden en nu worden we wakker in Kluse. Hier schijnt iets van een steunpunt te zijn, maar waar we daar steun in krijgen? Geen idee.

Van Kluse naar Holsloot is onze derde etappe. We starten om 12.30 uur, lopen 61 kilometer, ongeveer 15 keer per persoon (uit het busje springen is er niet meer bij) en komen om 17.40 uur aan in Holsloot. Bivak, massage, eten, slapen, rijden en wakker worden en eten in Almeloooooo. Het is inmiddels al een tijdje zondag de 20e en we maken ons dan in Almelooooo op voor de 4e etappe, en weer de nacht in. Van Almeloooo naar Hoven is 51 kilometer en dus weer vanaf 23.40 uur 12 keer het busje uit, inmiddels onder begeleiding denk ik:-). In Hoven om 3.55 uur naar de bus, en wakker worden in de buurt van Ede. Super tof om daar, in mijn geboortedorp en werkplaats om 8 uur ’s ochtends de weg naar Beesd te mogen starten. Oja, inmiddels 2e pinksterdag. 52 kilometer, ongeveer 13 keer gedwongen het busje uit (…) en om 12.35 uur weer wisselen met team A in Beesd. De laatste rust tussen Beesd en Alblasserdam en weer probeer ik hier ‘de tijd door te komen’ met massage, eten en slapen. De laatste etappe is een speciale. De laatste 25 kilometer met de lopers van Team A samen. Nog ongeveer 3 keer een kilometer rennen, pfffff. De busjes mogen niet meer op de route vanaf hier en dus zitten de lopers op fietsen en lopen we samen naar de finish. De rest van het team gaat ondertussen vast met het ov naar de finish op de Binnenrotte in Rotterdam, waar we dan rond 17.30 uur weer compleet zijn en naar de finish mogen wandelen.

Opgeteld, loop ik dus ongeveer 70 kilometer, in 6 etappes. Ik rust 5 keer ongeveer 5 uur per keer, gedeeltelijk in de touringcar op het bivak en gedeeltelijk al ‘slapend’ rijdend naar het volgende bivak.

Duidelijk, dacht ik. Toen kwam daar het hoofdstuk RUN-BIKE-RUN. Op sommige stukken van de route mag namelijk geen busje komen en moet je dus vanaf de fiets wisselen van loper, soms is dat stuk 400 meter, soms 8 kilometer. Logistiek wat ingewikkeld, en toen ik ging nadenken over wie, wat, waar en hoe vaak ben ik afgehaakt. Beste strategie: doen wat de teamcaptain zegt.

En dan nog de persoonlijke logistiek. Waar in dit schema is er nog tijd voor douchen, opmaken, kleding uitzoeken en klaarleggen, social media op orde, thuisfront Whatsappen, en NAAR DE WC???  Nou sommige dingen zijn makkelijk: meestal is er geen douche op het bivak, dus die valt af. Make-up: gewoon 1 keer goed opmaken en hopen dat het 48 blijft plakken (OMG). Kleding: thuis al 6 setjes maken en hopen dat het weer doet wat het beloofd. Misschien nog wat shoppen trouwens, ik bedoel, hallo, 6 SETJES:-) Social Media en Whatsapp: sowieso tijd maken. WC’s: what happens during Roparun, stays…..(ooit op expeditie in Malawi boven gat gehangen waar spinnen en kakkerlakken uitkropen, erger dan dat kan het toch niet worden?)

Ja en hoe bereid je je daarop voor? Geen idee. Mijn loopseizoen stopte eigenlijk al eind februari op Gran Canaria, toen ik geblesseerd mijn eerste bergmarathon liep. Om de pees in mijn voet en mijn heup te ontlasten maak ik vooral heel veel fietskilometers. In ons teamtrainings weekend in maart hebben we wel heel goed kennis kunnen maken met ’s nachts lopen, wisselen bij het busje en het verschil tussen 1 en 2 kilometer shifts. Ondanks mijn blessure ging dat verrassend goed.

Sindsdien loop ik af en toe 2 keer per dag of doe ik een run-bike-run met mijn lief en teamgenoot Michiel. En soms is Tara voorfietser. Maar meestal loop ik gewoon lekker te flierefluiten in het bos op de fiets of op de trailschoenen. Met afgelopen weekend nog een super Trailchicks finish bij de koning van Spanjetrail in Gulpen.

Ben ik er klaar voor? Geen idee. Ik wankel tussen paniekaanval en onwijs veel zelfvertrouwen en alles daar tussenin. En nee, mijn blessure helpt niet mee. Maar de wilskracht om dit te finishen en samen met mijn team zoveel mogelijk geld te kunnen doneren voor hen die zoveel harder moeten strijden is sterk. En daar vertrouw ik op.

xx

Corine

Doneren kan nog steeds. Nu ook via SMS. SMS ROPARUN118 naar 4333 en doneer automatisch 3 euro voor de Roparun en ons team. Je kan je ook nog inschrijven voor Hertlopen op zaterdag 12 mei natuurlijk ook geld overmaken via de donatiemodule.

 

 

19 dagen tot Roparun 2018 – AYA, ACT, CP, ORS, AED en OEPS

Terwijl mijn handen net weer schoon zijn van een ochtendje glitterslijm maken met Tara, denk ik nog even terug aan zaterdag. Zaterdagochtend waren we met een groot deel van ons team bij de laatste algemene Roparun bijeenkomst in het Luxor Theater in Rotterdam.

Om 10.00 uur druppelen de teams het theater binnen, veel teamleden verschijnen al in teamkleding en zo wordt het ook snel duidelijk hoeveel Nederlandse bedrijven en instellingen deze Roparun weer mede mogelijk maken. We halen ons startpakket af bij de organisatie en krijgen tassen vol Roparun-shirts, startnummers, auto- en fietsstickers. Natuurlijk ook pastamaaltijd-bonnen voor op de startlocatie en medaillebonnen voor bij de finish. Ook krijgen we de toegangskaarten voor de slotavond in juni, waar het eindbedrag bekend gemaakt gaat worden. Inmiddels is mij wel duidelijk wat een gigantische organisatie achter dit evenement zit.

We nemen plaats op het balkon in de zaal in hebben mooi zicht op het podium. Arie Wezemer, de man die alles aan elkaar praat vandaag , begint met het uitleggen van het nut van deze ochtend: het voorkomen van OEPS-momenten tijdens de Roparun. Eens kijken of ons team die momenten zo kan voorkomen.

Voordat we aan alle praktische tips toekomen stelt Arie ons voor aan Sophia Sleeman, 24 jaar en ook ervaringsdeskundige. Zij vertelt over haar missie in remissie, over AYA. Adolescent & Young Adult: Jong & Kanker. De stichting die sinds 2016 zorgt dat alle jongeren tussen de 18 en 35 jaar met de diagnose kanker niet onder de radar blijven. Patiënten in deze leeftijdsgroep kunnen onder andere dankzij de stichting terecht in 6 AYA lounges verbonden aan UMC’s . Hier zetten zorgprofessionals zich in om specifieke vragen voor deze doelgroep goed te beantwoorden. Op 19 mei starten we in Hamburg dus ook voor AYA samen met alle steun in de vorm van mooie donaties van onze vrienden en familie.

Verder met de praktische tips. Na een kort gesprek met de wedstrijdleiding, het ACT (Algemeen Coördinatie Team)en het CP (Checkpoint) heb ik in ieder geval begrepen dat de motormannen en vrouwen op de route ook maar mensen zijn, een stop & go niet heel tof is, dat het ACT echt alle ellende (lees: OEPS momenten) binnenkrijgt tijdens de Roparun en dat de soep bij de Checkpoints (CP’s) niet voor ons is, maar voor de vrijwilligers op de route. De anekdote over een fietser die geblesseerd raakte en is achtergelaten door een team op de route leverde nog al wat reactie op in de zaal. Aankomen zonder 2 fietsers op een checkpoint is natuurlijk ‘not done’, en dat zijn de regels, maar iemand achterlaten op de route is natuurlijk ‘beyond OEPS’ en absurd en idioot. Leave no man/woman behind…

Dan is het Calamiteiten Team aan het woord. Een serieus verhaal, onbedoeld gegoten in een stuk cabaret, dankzij het spreektalent van deze hulpverlener. Ik kan hier uitgebreid uiteenzetten wat er allemaal mis kan gaan met mij of mijn teamleden tijdens de Roparun, maar kort samengevat was dit de boodschap: De ORS van Norrit is super smerig. Goudbeertjes zijn goedkoper dan supersonische gelletjes, soep MOET en doe wat de AED zegt. Natuurlijk een beetje gechargeerd gezegd, maar dat we allemaal een behoorlijk intensieve inspanning gaan leveren is wel duidelijk, en dat we dan goed op onze eigen gezondheid en die van onze teamleden moeten letten ook.

Het Route team maakt met een aantal getallen duidelijk waarom de regels op de route zo belangrijk zijn. Zo zijn we met 309 teams op 2 routes (Parijs-Rotterdam en Hamburg-Rotterdam). En dat betekent dus bijna 1300 voertuigen. Een stoet van 80-180 kilometer lang. We zijn dus nogal dominant aanwezig in het Pinksterweekend. Die ene vuilniszak op de wisselplaats is zeker niet de laatste en daar waar op een oprit van een woning in een nacht door 200 teams gewisseld wordt kan je zeker irritatie verwachten. Wij kunnen als team dan wel zeggen dat we met 5 minuten weer wegrijden, maar na ons komt het volgende team, en het volgende, en het volgende….OEPS.

Dan nog het navigeren. We krijgen als tip te checken of we niet per ongeluk de Parijs route in de navigatiesystemen hebben staan. Een OEPS-moment van formaat. Blij dat ik niet hoofd-navi ben (lees: mag zijn) in ons team…

De rest van de presentatie gaat over de finish. Deze is dit jaar niet op de Coolsingel, maar op de Binnenrotte. Een prachtige locatie tussen de Markthal, Kubuswoningen en de historische Laurenskerk. De tijdfinish is al 1300 meter eerder op de Willemsbrug. Vanaf daar zal Team Hollander het laatste stukje afleggen naar de FINISH. 21 mei, ergens in de middag. Zien we jullie daar?

En sta je toch op de Coolsingel? Dan zie je ons niet…OEPS!

 

 

 

PS Alle donaties zijn zo welkom! Voor AYA en voor nog zoveel andere fantastische projecten!

 

25 dagen tot Roparun 2018

Deze Trailchick gaat binnenkort behoorlijk vreemd.

In plaats van kilometers dwalen over de paadjes, de heuvels en trappen in de bossen van Arnhem en ver daar buiten, ga ik iets doen dat ver buiten mijn comfortzone ligt: Kilometers lang achter een fietser aan lopen op geasfalteerde wegen tussen Hamburg en Rotterdam.

Toen ik Michiel leerde kennen was het enkele weken voor Roparun van 2016. Hij had de marathon van Londen net gelopen en een paar weken later zou hij met het Korps Mariniers | Team 189 starten in Parijs voor een estafetteloop die in Rotterdam zou eindigen.

Terwijl mijn mede-trailchick Kim en ik ons te buiten gingen aan een bijzondere combinatie van een avondje stappen, waarbij we eindigden in de lantarenpalen en een ochtendje hill-reps in Berg een Dal liet Michiel via foto’s en appjes zien dat het avontuur in Parijs was begonnen met een bonte-avond, waar zijn hakken hoger bleken dan de mijne! En een ochtend op het startterrein in Parijs.

Eigenlijk had ik geen idee wat hij aan het doen was. 500 kilometer in blokjes van 800 meter en dat zo snel mogelijk. De foto’s van de wisselpunten het slapen op veldbedden en vermoeide koppen in een busje gaven wel aan dat het een pittige tocht was. Maar Kimmie en ik hadden wel andere dingen aan ons hoofd, of beter gezegd, we hadden behoorlijke hoofdpijn.

Een goede nacht slapen later appte Michiel dat ze in Nederland waren aangekomen. Hè nu al? En dat ze rond 11 uur aan zouden komen op de Coolsingel. Met een biertje in de hand op de foto laat hij me zien dat ze binnen zijn. We spreken af elkaar later die dag nog te zien. Een uur nadat hij de drempel van mijn huis overstapt ligt hij te slapen op de bank…Roparun. Daar word je dus heel moe van.

Zover mijn eerste, enigszins beperkte en ‘bedwelmde’ kennismaking met deze race. Het jaar erna besloot Michiel even te stoppen met de Roparun, maar zijn zus Annemieke mocht juist dat jaar voor het eerst als loper mee met een –bij toeval- Arnhems team. Na jaren als fietser en kok mee te zijn geweest was dit voor haar nu echt een grote kans! En dus stonden we (nu samen en met Tara) op tweede Pinksterdag op de Coolsingel om team 54 binnen te halen. In de bloedhitte keek ik naar de teams die binnenkwamen. Er werd samen gedanst, gelachen, maar ook zag ik veel tranen. De spanning werd groter toen we doorhadden dat Annemieke’s team in de buurt kwam. En ja, daar was ze, glimmend van trots liep ze op haar broer af en de tranen stroomden over hun wangen.

Jeetje dit was wel een bijzonder evenement zeg. De enige finish die ik ooit zag waar het ging om het fantastische doel waarvoor gelopen was en niet om de lopers zelf. En het zaadje was geplant.

Michiel en Annemieke besloten om samen hun droom waar te maken: een eigen team starten en het volgende avontuur voor het leven samen aangaan. En zo gezegd zo gedaan. Vrienden werden benaderd, het startgeld gedoneerd en in augustus was daar TEAM HOLLANDER | Team 118.

 

En dus ga ik binnenkort behoorlijk vreemd. Als loper in Team Hollander ga ik kilometers lang achter een fietser aan lopen op geasfalteerde wegen tussen Hamburg en Rotterdam. Voor Stichting Roparun. Om het leven van mensen met kanker en hun dierbaren wat draaglijker te maken.

Ik neem jullie mee op mijn en ons avontuur en hoop tegelijkertijd dat jullie ons Team en daarmee Stichting Roparun willen steunen.

xxx

Corine

PS kom je ook Hertlopen op 12 mei?